H5
This commit is contained in:
parent
d74312ca2a
commit
dc6ca38fa9
11 changed files with 495 additions and 10 deletions
|
|
@ -1,3 +1,5 @@
|
|||
**Hoofdstuk 2**
|
||||
|
||||
I
|
||||
|
||||
Hector was er. Theofile ook. In dit licht,<br/>
|
||||
|
|
@ -33,7 +35,7 @@ en klauterde de vroege straat op naar Ma Kilman's bar.<br/>
|
|||
Ze opende de winkel en zette een fles witte rum naast hem neer.
|
||||
|
||||
Zijn scheepsmaten zagen hem, haakten toen hun handen als ankers<br/>
|
||||
onder de romp, wiegden ze; de kiel schuurde door droog zand<br/>
|
||||
onder de rompen, wiegden ze; de kiel schuurde door droog zand<br/>
|
||||
totdat nat zand hem stopte. De riemen deed ratelen
|
||||
|
||||
die parallel midscheeps lagen; dan, op het geluid<br/>
|
||||
|
|
|
|||
|
|
@ -1,6 +1,6 @@
|
|||
II
|
||||
|
||||
In het haldfuister stond Seven Seas op en maakte koffie<br/>
|
||||
In het haldfuister stond Seven Seas op en maakte koffie.<br/>
|
||||
Zonlicht was bezig de ring van de horizon te verwarmen<br/>
|
||||
en wolken rezen als broden. In de hitte van de
|
||||
|
||||
|
|
@ -52,7 +52,7 @@ Behalve één hand zat hij doodstil,<br/>
|
|||
met zijn ei-witte ogen, vingers gravend in het verleden<br/>
|
||||
van een andere zee, gemeten met roeispanen.
|
||||
|
||||
O open deze dag met het geluid van de zeeschelp, Omeros,<br/>
|
||||
O open deze dag met het geluid van de karko, Omeros,<br/>
|
||||
zoals je deed in mijn jeugd, toen ik een woord was<br/>
|
||||
zacht uitgeademd langs de tong van het zonlicht.
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
|
|
@ -17,32 +17,32 @@ moeder en zee in ons Antilliaanse patois,<br/>
|
|||
_os_ een grijs bot, en de witte branding die breekt
|
||||
|
||||
en een schuimkraag verspreidt op een kust van kant.<br/>
|
||||
Omerois was de krak van droog blad en het sissen<br/>
|
||||
Omeros was de krak van droog blad en het sissen<br/>
|
||||
dat echode uit een grotmond bij eb.
|
||||
|
||||
De naam bleef in mijn mond, ik zag het licht in een web<br/>
|
||||
op haar aziatische wangen, dat haar ogen tekende<br/>
|
||||
met de omtrek van een zwarte amandel. Antigone draaide zich om
|
||||
|
||||
en zei: "Ik ben moe van Amerika. Ik wil terug naar <br/>
|
||||
en zei: "Ik ben moe van Amerika. Ik wil weer naar <br/>
|
||||
Griekenland. Ik mis mijn eilanden." Schrijf ik. Het brengt<br/>
|
||||
de manier terug waarop ze haar zwarte golf van haar schudde.
|
||||
de manier terug waarop ze de zwarte golf van haar haar schudde.
|
||||
|
||||
Ik zag de branding kanten patronen prenten<br/>
|
||||
op de kust van haar nek en de neerwaartse stroompjes<br/>
|
||||
van zijde gekruld aan haar enkels. Als branding zonder geluid
|
||||
van zijde gekruld aan haar enkels, als branding zonder geluid
|
||||
|
||||
en voelde een ander koud beeld, niet het hare maar die van jou<br/>
|
||||
zag dit met amandelpitten als ogen, zijn gebroken neus <br/>
|
||||
zag dit met stenen amandelen als ogen, zijn gebroken neus <br/>
|
||||
is afgewend, en de ruisende zijde stemt in.
|
||||
|
||||
Maar als het tussen de regels kon lezen van haar vloer<br/>
|
||||
als een wit heet dek, verweerd door Antilliaanse hitte,<br/>
|
||||
als een wit heet dek, verweerd door de Antilliaanse hitte,<br/>
|
||||
naar het duister ertussen, zou zijn neus schroeien
|
||||
|
||||
door de stank van geketende enkels, de geboeide voeten<br/>
|
||||
schrapend als bladeren en misschien zou het onschuldige <br/>marmer
|
||||
zijn witte pitten afgewend hebben. De afstand vergroten
|
||||
zijn witte zaden afgewend hebben. De afstand vergroten
|
||||
|
||||
tussen zijn mond en de horror onder haar tafel<br/>
|
||||
voor de lier op de stoel gehuld in een witte tuniek<br/>
|
||||
|
|
|
|||
|
|
@ -1,3 +1,5 @@
|
|||
**Hoofdstuk 3**
|
||||
|
||||
I
|
||||
|
||||
_"Touchez-i, encore: N'ai fendre choux-ous-ou, salope!"_<br/>
|
||||
|
|
|
|||
47
boek1_hoofdstuk3_deel3.md
Normal file
47
boek1_hoofdstuk3_deel3.md
Normal file
|
|
@ -0,0 +1,47 @@
|
|||
III
|
||||
|
||||
_"Mais qui ça rivait-'ous, Philoctete?"_ - _"Moin blessé"_<br/>
|
||||
"Maar wat is aan de hand met jou, Philoctète?" - "Ik ben gezegend<br/>
|
||||
met deze wond, Ma Kilman, _qui pas ka guérir piece.
|
||||
|
||||
Die niet meer overgaat." "Nou doe rustig aan.<br/>
|
||||
Ga naar huis en ga liggen, geef die voet een beetje rust"<br/>
|
||||
Philoctète, zijn broekspijpen opgerold, staart naar de zee
|
||||
|
||||
vanuit het verweerde raam van de shop. De jeuk aan de wond<br/>
|
||||
tintelt als de tentakels van de anemoon<br/>
|
||||
en de gesprongen blaar van een Portugees oorlogsschip.
|
||||
|
||||
Hij geloofde dat de zwelling van de geketende enkels<br/>
|
||||
van zijn grootvaders kwam. Hoe dan, ging het niet over?<br/>
|
||||
Dit kruis dat hij droeg was niet alleen van het anker
|
||||
|
||||
maar van zijn ras, voor een dorp arm en zwart<br/>
|
||||
als de varkens die wroetten in brandende hopen<br/>
|
||||
en vervolgens in het slachthuis hingen aan ankers.
|
||||
|
||||
Ma Kilman naaide. Ze keek op en zag zijn gezicht<br/>
|
||||
wegkijken van het wit van de straat. Hij wachtte<br/>
|
||||
tot hij in slaap viel op de tafel. Dat ging dagen zo door.
|
||||
|
||||
Het ijs werd warm water naast de zelfhaat<br/>
|
||||
in het gebaar met zijn hoofd in zijn handen geklemd. Ze<br/>
|
||||
hoorde de jongens naar school gaan in hun blauwe uniforms,
|
||||
|
||||
ze schreeuwden naast zijn armen. "Fieloh! Fielosofié!"<br/>
|
||||
Een mummie gebalsemd in Vaseline en alcohol.<br/>
|
||||
Ze fluisterde zacht in de Egyptische stilte:
|
||||
|
||||
"Er is een kruid ergens, een medicijn en de manier<br/>
|
||||
waarop mijn oma die kookte. Ik bekeek altijd de mieren<br/>
|
||||
die op de witte plantenpot klommen. Maar, God, waar was dat weer?"
|
||||
|
||||
Waar was die wortel? Welke kassie, welke warme kruidendrank<br/>
|
||||
kon deze vertakte rivier van zijn vuile bloed reinigen,<br/>
|
||||
het sap van een gewonde ceder? Wat betekende het,
|
||||
|
||||
deze naam die als een ziekte klonk? Eén goeie klap<br/>
|
||||
van zijn kapmes in de tuin sloeg de verdomde naam los<br/>
|
||||
van de rottende yam. Hij zei _"Merci"_. En hij vertrok.
|
||||
|
||||
|
||||
63
boek1_hoofdstuk4_deel1.md
Normal file
63
boek1_hoofdstuk4_deel1.md
Normal file
|
|
@ -0,0 +1,63 @@
|
|||
**Hoofdstuk 4**
|
||||
|
||||
I
|
||||
|
||||
Buiten het dorp is een bos van bloedbomen met doorns<br/>
|
||||
die er rondom in de droge schaduw liggen. Keien<br/>
|
||||
en kwarts dat glinstert als regen. Ooit waren de bomen
|
||||
|
||||
deel van een terrein met een molen zo oud als<br/>
|
||||
het dorp ernaast. De verlaten weg loopt<br/>
|
||||
langs enorme roestige ketels. Vaten om suiker te koken
|
||||
|
||||
en zwarte pilaren. Dit zijn de enige resten<br/>
|
||||
van de geschiedenis, als dat het is wat ze zijn.<br/>
|
||||
De verdraaide bloedboom stammen zijn oranje van de zeebries;
|
||||
|
||||
boven hen torent een verrassende cactus.<br/>
|
||||
Philoctète hinkte naar zijn yamtuin daar. Sidderend<br/>
|
||||
liep hij over het terrein, liefkoosde zijn kapmes,
|
||||
|
||||
toegeblèrd door bruine, kwastige schapen, die zijn naam herhaalden.<br/>
|
||||
"Beeeeh, Philoctète!". Hier in de Atlantische wind<br/>
|
||||
bogen de amandelen mee als de vlam van een kaars.
|
||||
|
||||
De gedachte aan kaarsen deden hem denken aan zijn eigen dood.<br/>
|
||||
De wind draaide de yambladen als kaarten van Afrika,<br/>
|
||||
hun aderen bloedden wit en Philoctète, hobbelend
|
||||
|
||||
liep tussen de yambladeren als een verzwakte patient<br/>
|
||||
door een ziekenhuisgang. Zijn huid stond in brand,<br/>
|
||||
zijn kop was een mierenhoop; hij hoorde krabben kreunen
|
||||
|
||||
met arthritische klauwen, hij voelde een molkrekel<br/>
|
||||
tot op het bot in zijn wond boren. Zijn knie gloeiend ijzer,<br/>
|
||||
zijn borst een zak ijs en achter de tralies
|
||||
|
||||
van zijn roestige tanden, als een mangoest in een kooi<br/>
|
||||
een kreet, gek als die kwam. Zijn tong schuurde zijn poten<br/>
|
||||
aan het dak van zijn mond, ratelde woest aan de tralies.
|
||||
|
||||
Hij zag blauwe rook boven het land, de bamboe palen<br/>
|
||||
bij elkaar in een net, de drijvende veren van een priester.<br/>
|
||||
Als kapmes rook kapt, als de hanen eieren
|
||||
|
||||
schijten, vloekte hij, krijgt de zwarte mens rust<br/>
|
||||
van God; precies op het moment dat een pijlenjacht<br/>
|
||||
zijn wond trof en hij schreeuwde in het yambed.
|
||||
|
||||
Hij strekte de voet, haalde vlijmscherp ijzer<br/>
|
||||
langs pleitende vinger en duim. De yambedden veerden op<br/>
|
||||
in koud zweet. Hij kapte elke wortel bij de hiel.
|
||||
|
||||
Hij hakte bij hun hiel. Zag hoe ze krulden,<br/>
|
||||
gesneuveld zonder wortels. Vervloekte de yams: "Verdomme!<br/>
|
||||
Zien jullie hoe het is, zonder roots in dit land?"
|
||||
|
||||
Snikte toen met zijn gezicht in de gevelde bladeren. Sap<br/>
|
||||
druppelde uit hun gapende stengels, als zijn eigen verdriet.<br/>
|
||||
Een vlieg waste vlug zijn handen van dit bloedbad.
|
||||
|
||||
Philoctète voelde een kruipende mier langs zijn voorhoofd.<br/>
|
||||
Het was de wind. Hij keek op naar een blauwe akker <br/>
|
||||
en een tak waar een zwaluw stil neerstreek.
|
||||
30
boek1_hoofdstuk4_deel2.md
Normal file
30
boek1_hoofdstuk4_deel2.md
Normal file
|
|
@ -0,0 +1,30 @@
|
|||
II
|
||||
|
||||
Hij voelde het dorp in zijn rug, hoorde de zeeruis<br/>
|
||||
van auto's verderop. De zeezwaluw bekeek hem.<br/>
|
||||
En twitterde zeewaarts, opgeslokt in een schuimende wolk.
|
||||
|
||||
Zo lang als het duurt dat een druppel verdampt<br/>
|
||||
op de was van een taroblad, lag Philoctète<br/>
|
||||
op zijn gekiezelde rug op de hete aarde en keek naar de lucht.
|
||||
|
||||
waar witte continenten in zijn geografie bewogen. <br/>
|
||||
Hij vroeg God's vergeving. Boven de stille baai<br/>
|
||||
rook het gras goed en de metamorfose van wolken was mooi in zijn ogen.
|
||||
|
||||
Hij hoorde strijders zich haasten naar de strijd,<br/>
|
||||
maar het was wind die door de yams woei. Het geluid<br/>
|
||||
van trillende speren van palmen. Herders met vee,
|
||||
|
||||
zouden geen steden stichten. Ze waren gevondenen.<br/>
|
||||
Niet voorbestemd om te winnen, zij waren de overwonnenen.<br/>
|
||||
Die niets te gronde zouden richtten. Zij waren de grond.
|
||||
|
||||
Hij zou de ziel van geduld zijn, als een oud paard<br/>
|
||||
op een hoef stampend in de wei, zijn manen schuddend<br/>
|
||||
of zwaaiend met zijn staart tegen de vliegen rond de wond;
|
||||
|
||||
als een paard de pijn dragen kon, dan ook een mens.<br/>
|
||||
Steunend op een tak probeerde hij zijn dode hoef<br/>
|
||||
op de verende grond. Het voelde licht als een spons.
|
||||
|
||||
41
boek1_hoofdstuk4_deel3.md
Normal file
41
boek1_hoofdstuk4_deel3.md
Normal file
|
|
@ -0,0 +1,41 @@
|
|||
III
|
||||
|
||||
Wachtende op de rekening zat ik op het witte terras.<br/>
|
||||
Onze ober in een zwarte strik ploegde door het zand<br/>
|
||||
tussen de volle dekstoelen, stuiterend op disco
|
||||
|
||||
muziek uit de speakers, een blad zeilde in zijn hand.<br/>
|
||||
De toeristen draaiden rond het spit en grillden hun<br/>
|
||||
rug. De ober had het niet makkelijk
|
||||
|
||||
met zijn leren zolen. Ze gleden van steeds van het duin<br/>
|
||||
maar zijn blad wiebelde zonder morsen van gin-en-lime<br/>
|
||||
op een gebraden rug. Het stond voor hem vast dat hij
|
||||
|
||||
de eisen van het strand als een Lawrence of St. Lucia<br/>
|
||||
zou halen, alleen sjokte hij richting een liter<br/>
|
||||
zelfbewuste champagne. Zoals elke geboren loser
|
||||
|
||||
schopte hij al gauw de emmer omver. Zette zijn blad neer,<br/>
|
||||
veegde het zand van het ijs, mikte de blokjes in de<br/>
|
||||
emmer, en vervolgens de fles; nadat dit gelukt was
|
||||
|
||||
leek hij klaar om de tieten van de vrouw terug te duwen<br/>
|
||||
in haar beha, onder de ogen van haar woedende man die kookte<br/>
|
||||
als een sheik in een theedoek. Lawrence keek op naar een geest.
|
||||
|
||||
Dat was het moment dat ook ik opkeek richting het dorp,<br/>
|
||||
en zag, door de gekooide draden van de middaglucht<br/>
|
||||
een strand met kruipende tijger; het fantoom loste op
|
||||
|
||||
en een vrouw verscheen in kleurige hoofddoek<br/>
|
||||
maar het hoofd trots, hoewel het op zoek was naar werk<br/>
|
||||
Ik wilde deze schoonheid bezingen
|
||||
|
||||
die verdween als een schip onder groter wordende ogen<br/>
|
||||
"Who the hell is that?" vroeg een toerist naast mijn tafel<br/>
|
||||
aan de serveerster. En die zei: "Zij? Vrijpostig!"
|
||||
|
||||
Terwijl de gebeeldhouwde ogen van het onvoorstelbare<br/>
|
||||
ebbenzwarte masker tevoorschijn kwamen uit de katoenen wolk,<br/>
|
||||
sneerde de serveerster, "Helen." En daar begon alles.
|
||||
101
boek1_hoofdstuk5_deel1.md
Normal file
101
boek1_hoofdstuk5_deel1.md
Normal file
|
|
@ -0,0 +1,101 @@
|
|||
I
|
||||
|
||||
Zachtjes zette Major Plunkett zijn Guinness neer, veegde<br/>
|
||||
de rijp van goudschuim op zijn gepensioneerde snor<br/>
|
||||
weg met een golvende tong. Ernaast nipte Maud
|
||||
|
||||
van haar biertje, stilletjes, echtgenotelijk. Onder het strodak<br/>
|
||||
ontworpen als een Afrikaanse hut in een verweerd dorp<br/>
|
||||
was het raffia decor leeg. Hij hoorde het piepen
|
||||
|
||||
van Maud's gewicht als ze verzitte. Het gewone beeld<br/>
|
||||
van wolken in _full canvas_ bewoog naar Martinique.<br/>
|
||||
Dit was hun drinkplaats, deze vaste gewoonte,
|
||||
|
||||
de mast te laten zakken op deze raffia stoelen<br/>
|
||||
eens per week om één uur tussen de zandbank en de boerderij,<br/>
|
||||
nadat Maud haar orchideën bezorgd had, al deze jaren
|
||||
|
||||
van zelfbevragende stilte. Maud draaide aan de eindjes<br/>
|
||||
van vochtige krullen in haar nek. De Major drumde op<br/>
|
||||
de rand van de bar en verfrommelde een rietje. Hun stilte
|
||||
|
||||
was hun gemeenschappelijkheid. Ze waren hier al<br/>
|
||||
sinds de oorlog en zijn trauma. Varkens. Orchideën. Hun huwelijk<br/>
|
||||
een zilveren jubileum van helder water
|
||||
|
||||
dat glinsterde als Glen-da-Lough in Wicklow waar Maud<br/>
|
||||
vandaan kwam, maar voor Dennis in zijn khaki hemd<br/>
|
||||
en wijde shorts waarin hij met Monty gediend had
|
||||
|
||||
waren de korstige toeristen lijken in de woestijn<br/>
|
||||
van het Afrika Korps. _Pro Rommel, pro mori._<br/>
|
||||
De regimenten brandies verstijfden op de plank
|
||||
|
||||
naast Napoleon's cognac. Geschiedenis<br/>
|
||||
in een stoffige Beefeater's Gin. We namen van deze<br/>
|
||||
groene eilanden als olijven uit een schaal,
|
||||
|
||||
snoepten van het vlees, en spogen de pit in een bakje,<br/>
|
||||
zaden van een meloen. _Pro honoris causa_. <br/>
|
||||
maar voor wiens eer diende die wond aan zijn hoofd?
|
||||
|
||||
Dit was hun zaterdag. Niet het café op de hoek,<br/>
|
||||
niet de smeedijzeren Victoria. Hij was eruit gestapt<br/>
|
||||
uit dat hol met middle-class zakken, een oude club
|
||||
|
||||
met de dikste billen die een vlo kon vinden,<br/>
|
||||
een replica van de Raj, met gin-en-tonic<br/>
|
||||
van zwarte, in het wit gestoken dienaars, wier oren
|
||||
|
||||
het verschil niet hoorden tussen een tweedehands<br/>
|
||||
autoverkoper uit Manchester en de echt neppe<br/>
|
||||
klanken van ex-landgenoten. Hij was geen officier
|
||||
|
||||
maar zei tot zijn eigen verbazing dingen als "Luverly,"<br/>
|
||||
"Right-o," en Jezus Christus, "Ta!" in een rieten stoel<br/>
|
||||
met de andere zakken en beantwoordde hun harde volley
|
||||
|
||||
in de klassenstrijd. Allemaal leugenaars<br/>
|
||||
die hun afkomst verhulden, het onuitroeibare Cockney,<br/>
|
||||
overdreven ongeduldig. Kleibonken uit Lancashire
|
||||
|
||||
verrast door obers, duurder doen dan hun waarde<br/>
|
||||
en hun knierode vrouwen met een dialect als bestek<br/>
|
||||
dat uit de la viel. Voor hén werden de velden van zijn eer,
|
||||
|
||||
de woestijnoorlog onder Montgomery<br/>
|
||||
en de lila bloemen onder de kruizen<br/>
|
||||
geconserveerd als augurken in club Victoria.
|
||||
|
||||
Hij had de officierstoon gespeeld. Hoewel hij zich schaamde,<br/>
|
||||
had het zich uitbetaald. Het gruis in de keel, de Rover,<br>
|
||||
al dat soort dingen. De khaki shorts die zijn vergeten verleden
|
||||
|
||||
proclameerden. Ach, dat was allemaal voorbij,<br/>
|
||||
maar de klassenstrijd niet, die de doden vernederde<br/>
|
||||
geveld in het zand, voorbij Alexandrië.
|
||||
|
||||
Vlaggen gespeld op een kaart. Liggende kruizen<br/>
|
||||
van toeristen uitgestrekt, ver van de rode vlag van de strandwacht,<br/>
|
||||
zoals zijn kameraden onder het zand dat hun ogen sloot.
|
||||
|
||||
Waar was het voor nodig geweest? Een krijsende doedelzak.<br/>
|
||||
En waarom ook niet? Oorlogsglorie is voor de legerkapel;<br/>
|
||||
de jongens uit de steden; ze vielen, net als die Yanks,
|
||||
|
||||
in een zon, dubbel zo fel, die van Tobruk en Alamein,<br/>
|
||||
hun lichamen zwart in de schaduw van verpletterde tanks,<br/>
|
||||
hun lijken als handdoeken naar de schaduw onder de palmen gesleept.
|
||||
|
||||
Die lijnen van de witte branding ruisten als applaudisserende straten<br/>
|
||||
samen met het achtste legioen, toen Montgomery de rug van het<br/>
|
||||
Afrika Korps had gebroken. Kerels in witte lakens
|
||||
|
||||
gooiden hun petten als buiswater toen we Tobruk binnenreden<br/>
|
||||
en ik leunde op de tank toen de doedelzakken krijsten<br/>
|
||||
en achter ons de lachende Tommies. Ik huilde van trots.
|
||||
|
||||
Tranen prikten in zijn ogen. Maud reikte langs de schaal<br/>
|
||||
en pakte zijn vingers. Ze kon hem van binnen zien,<br/>
|
||||
het trauma in zijn hoofd. Zijn witte zuster. Zijn officier.
|
||||
65
boek1_hoofdstuk5_deel2.md
Normal file
65
boek1_hoofdstuk5_deel2.md
Normal file
|
|
@ -0,0 +1,65 @@
|
|||
II
|
||||
|
||||
Geen maten van de club. Vrienden, partners, wapenbroeders.<br/>
|
||||
Ze kropen, hand op de helm, terwijl de Messerschmitts<br/>
|
||||
in staccato herhaling miniatuur palmen regen
|
||||
|
||||
langs de rand van de loopgraaf. Hij schoot omhoog. En wéér<br/>
|
||||
trok Tumbly hem terug. "Hou je fokking hoofd laag!"<br/>
|
||||
Scott rende op hen af, lachend, maar het enige
|
||||
|
||||
grappige aan hem was het feit dat één elleboog<br/>
|
||||
niet vast zat aan de rest van zijn arm. Hij rukte het ding<br/>
|
||||
van de stomp, als een nazi saluut; toen zijn
|
||||
|
||||
verbazing voorbijging, zakte hij in elkaar<br/>
|
||||
nog steeds met die grijns. Ik keek naar Tumbly en zijn ogen<br/>
|
||||
waren open, maar ze bewogen niet meer; toen tilde een
|
||||
|
||||
vreselijke knal ons op uit het zand en ik denk<br/>
|
||||
dat ik toen ben geraakt, maar herinnerde me niets<br/>
|
||||
maandenlang niets, uitgevallen. Oh dat beeld
|
||||
|
||||
van de ogen van Tumbly. De hemel erin. Scottie die lachte.<br/>
|
||||
Zeg dat maar in de Victoria, in het lawaai van<br/>
|
||||
rinkelende ijsblokjes en schuimend bier.
|
||||
|
||||
Deze wond heb ik op Plunketts karakter geregen.<br/>
|
||||
Gewond moest hij zijn, het lijden is een thema<br/>
|
||||
in dit werk, deze fictie, want elke "ik" is uit-
|
||||
|
||||
eindelijk fictie. Droomverteller, ga door:<br/>
|
||||
Tumbly. Blauwe gaten als ogen. En Scottie wijzer,<br/>
|
||||
toen de schok voorbijging. Gewone mannen. Niet opvallend of knap.<br/>
|
||||
|
||||
Door de Moorse bogen van de ziekenhuiszaal<br/>
|
||||
met zijn hoofd in een wolk als een Arabier<br/>
|
||||
zag hij de Middelandse Zee, en Maud
|
||||
|
||||
liggend op haar rug op een klif en de scarabee<br/>
|
||||
van het troepenschip op de rede ver weg. Twee dagen verlof<br/>
|
||||
voordat ze vertrokken en hij dacht dat hij haar nooit meer
|
||||
|
||||
zou zien, maar gebeurde dat tóch, dan moest hij<br/>
|
||||
een ander leven op zien te bouwen, na de oorlog<br/>
|
||||
al duurde dat nog tien jaar, als ze zou wachten,
|
||||
|
||||
niet op het gras op de klif maar ergens aan de andere<br/>
|
||||
kant van de wereld, ergens met zonverlichte eilanden<br/>
|
||||
waar wat geschiedenis heette niet kon gebeuren. Waar?
|
||||
|
||||
Waar kon de wereld de Mediterrane onschuld herstellen?<br/>
|
||||
Ze verdiende een paradijs na deze oorlog.<br/>
|
||||
Voorbij die rotspunt daarginds was de Battle of the Saints.
|
||||
|
||||
Oude Maud was roze als een theeroos; haar haar was <br/>
|
||||
ooit goud als een vuurverlicht bierglas, maar nu<br/>
|
||||
strekte ze een getekende arm uit haar nachtpon. "Het is een
|
||||
|
||||
zeldzame kaart van de Seychellen ofzo." "Oh, schat nee!"<br/>
|
||||
Jij bent m'n theeroos, mijn kroon, mijn doel in het leven,<br/>
|
||||
mijn witte lelie uit de woestijn, de koningin voor wie ik vocht."
|
||||
|
||||
Soms keerde bij haar dat oude verlangen terug<br/>
|
||||
om Ierland te zien. Hij zette zijn glas in de ring<br/>
|
||||
van een mooi huwelijk. Alleen hadden ze geen zoon.
|
||||
134
boek1_hoofdstuk5_deel3.md
Normal file
134
boek1_hoofdstuk5_deel3.md
Normal file
|
|
@ -0,0 +1,134 @@
|
|||
III
|
||||
|
||||
Hoe vlug het vervliegt, dacht Maud. De emaillen lucht,<br/>
|
||||
de vergulde palmen, de bars als altaren van raffia<br/>
|
||||
zelfs voor die Madonna die haar baby wast
|
||||
|
||||
met zijn kleine garnaaltje. Op een dag zal de Mafia<br/>
|
||||
deze eilanden runnen als een roulette. Hoeveel zin<br/>
|
||||
heeft de toewijding van Dennis als hun eigen ministers
|
||||
|
||||
cashen met Casino's met hun eeuwige smoesjes<br/>
|
||||
van meer banen? Hun toekomst voelde sinister<br/>
|
||||
als die van het ebbenzwarte meisje in haar gele jurk.
|
||||
|
||||
"Daar heb je het gedonder" fluisterde Maud in haar glas.<br/>
|
||||
In een vlaag die surfers aan hun zeil liet hangen<br/>
|
||||
zag Plunkett Helena's trots voorbijlopen
|
||||
|
||||
in dezelfde gele japon die Maud voor haar gemaakt had.<br/>
|
||||
"Haar staat het beter," glimlachte Maud. Maar die meid liegt<br/>
|
||||
de hele tijd en ze steelt. "Waar moet dat heen?"
|
||||
|
||||
"Wie zal het zeggen?" zei Plunkett, die de gele vlinder volgde<br/>
|
||||
met haar gele panelenvleugels die eens aan zijn vrouw behoorden,<br/>
|
||||
de zwarte V van haar fluwelen rug, bij de waterlijn.
|
||||
|
||||
Haar hoofd gebogen; ze leek op drift als een zwerver,<br/>
|
||||
niet de bazige hulp die hun huishouden regeerde.<br/>
|
||||
Het was op dat moment dat hij een plicht ervoer
|
||||
|
||||
jegens haar verlorenheid, een soort eerherstel<br/>
|
||||
meende hij, voor die ongelukkige schoonheid<br/>
|
||||
net als die van het eiland. Hij leegde zijn schuimende Guinness.
|
||||
|
||||
Seychellen. Zeeschelpen. In het bakje olijven<br/>
|
||||
stapelden de pitten zich op, hun groene vlees afgekloven.<br/>
|
||||
God weet wat we van hen namen. Yes Sir! Vlug, want
|
||||
|
||||
het Britse rijk kromp. Het bekeek het silhouette<br/>
|
||||
van zijn vrouw, haar frèle profiel in een ovaal<br/>
|
||||
ivoren wolk, als een Victoriaans medaillon,
|
||||
|
||||
zoals ze toen, onder gekruiste zwaarden haar sluier opende.<br/>
|
||||
De vlag hing bij het kampement in de heuvels<br/>
|
||||
in Opper Punjab, als een van de mast vallend zeil;
|
||||
|
||||
Een olifant boog zijn knieën, zijn striemen<br/>
|
||||
kronkelden als de theepaviljoens van de Raj<br/>
|
||||
wiens afnemend tij de kustlijn der naties verhief
|
||||
|
||||
kantachtig als Helen's hemd. In de luchtspiegeling<br/>
|
||||
bewogen de gouden palmen hun kwasten. Eden's Egypte<br/>
|
||||
zonk in het getinte zand. De pyramides van Gizeh
|
||||
|
||||
duister als de puntige Pitons waar Achille roeide<br/>
|
||||
met beide riemen als geweren. Wolken Moslims in overgave<br/>
|
||||
schuimden de grotten van moskeeën in en eer en glorie
|
||||
|
||||
vervlogen als helmboswuivende brandies. Treurige hymnes<br/>
|
||||
rezen op in de steenwebbige abdij. _Memento mori_<br/>
|
||||
met het tromgeroffel van Remembrance Day. Duiven koeren
|
||||
|
||||
over Trafalgar. Wat Helen nodig had waren verhalen,
|
||||
<br/>
|
||||
dat was het medelijden dat Plunkett voelde voor haar.<br/>
|
||||
Haar eigen verhaal. Niet hun strijd, maar dat dat van haar.
|
||||
|
||||
Die naam met zijn historische hallucinatie,<br/>
|
||||
verlichtte het strand; de vlinder dartelde tot Plunketts<br/>
|
||||
vreugde van myrmidoon naar myrmidoon, van de ene
|
||||
|
||||
toerist op zijn rug naar een ander. Haar stad was Troje,<br/>
|
||||
de rook die de in de strijd gevallen soldaten verbergt.<br/>
|
||||
Dan haar gezicht dat eruit verschijnt, haar borsten de Pitons,
|
||||
|
||||
de palmen de roestige speren suizend in de dodelijke strijd<br/>
|
||||
van de kolkende beek; voor haar hadden Gallië en Brittanië<br/>
|
||||
forten en versterkingen gebouwd, de verwoestte barakken
|
||||
|
||||
met overgroeide tunnels en een fallisch kanon;<br/>
|
||||
voor haar gingen ceders in groen zonlicht voor de bijl.<br/>
|
||||
Zijn hoofd was op drift met de rook in zijn dromen
|
||||
|
||||
die naar de zee dreef. Lawrence stond voor hem. Hij zei:<br/>
|
||||
"Werk is gedaan, Major, Major?" Maud stootte hem aan.<br/>
|
||||
"Dennis, de rekening". Maar er was nooit betaald.
|
||||
|
||||
Niet aan de huishoudster, met haar plastic sandalen<br/>
|
||||
in het water, in een jurk die ze had moeten stelen. Oorlog. Oorlogen<br/>
|
||||
dun als een rookpluim op het water. Maar de doden waren reëel.
|
||||
|
||||
Hij glimlachte om de mythische hallucinatie<br/>
|
||||
die samenkwam in de schaduw van die naam.<br/>
|
||||
Het eiland heette eerst Helen; een Homerische associatie
|
||||
|
||||
steeg op als rook van een belegering. De Battle of the Saints<br/>
|
||||
begon met dat geluid, van wat heette "Gibraltar<br/>
|
||||
van de Caribbean," Na dertien verdragen
|
||||
|
||||
waarbij ze gebeden verruilde als knieën bij het altaar<br/>
|
||||
todat de Engelsen en de Fransen uiteindelijk de vrede<br/>
|
||||
tekenden in Versailles. Dit alles bedacht hij
|
||||
|
||||
terwijl Lawrence het terras op kwam zwoegen<br/>
|
||||
met eindelijk de rekening, en het verdrag werd getekend;<br/>
|
||||
De schaduw van haar gezicht ging langs het papier
|
||||
|
||||
zoals het was in Versailles, twee eeuwen geleden<br/>
|
||||
in de schaduw van Admiraal Rodney's samengedromde soldaten;<br/>
|
||||
een eiland met leeuwenkop herdenkt de oorlog,
|
||||
|
||||
zijn knielende flanken geel van de droogte en op de rand gras,<br/>
|
||||
als een wuivende maan. Een tijdje zag hij de ober<br/>
|
||||
bewegen tussen de witte ijzeren schilden op het witte terras.
|
||||
|
||||
In het dorp op St. Peter's Day bij de olympiade<br/>
|
||||
was hij de official met het startpistool,<br/>
|
||||
geleend van de manager van de marina.
|
||||
|
||||
Het was niet de Egeische Zee. Ze beklommen geen Parthenon<br/>
|
||||
voor de lauwerenkrans. Naast de arena was het depot,<br/>
|
||||
het amfitheather van de oceaan. Als iemand een kroon droeg -
|
||||
|
||||
_Victor Ludorum_ - wist niemand wat het betekende<br/>
|
||||
of wou het weten. De Latijnse syllaben verdronken<br/>
|
||||
in klappende dialect van het publiek. Hector
|
||||
|
||||
die won, of Achille op een haar, maar iedereen<br/>
|
||||
wist dat de echte prijs, terwijl de kruisende ovalen<br/>
|
||||
van hun dijen langs de joelende tribunes vlogen,
|
||||
|
||||
of van hun marathon, zes keer rond het stadje,<br/>
|
||||
Helen was, niet een schild of een ham voor met Kerst;<br/>
|
||||
terwijl er één onder gejoel in twee kampen van de ingevette paal zakte.
|
||||
Loading…
Add table
Reference in a new issue